25 | 04 | 2017
Meditatie Print E-mail

Spot aan het kruis (Markus 15:29-36)

De spot die Koning Jezus ten deel viel vóór de kruisiging houdt niet op als Hij eenmaal aan het kruis hangt. Het begint met de voorbijgangers: “En die voorbijgingen, lasterden Hem, schuddende hun hoofden, en zeggende: Ha! Gij die de tempel afbreekt, en in drie dagen opbouwt” (vers 29). Hun woorden, hun blikken en hun gebaren zijn vol spot. Zij verdraaien de woorden die de Zaligmaker sprak aangaande Zijn gezegend lichaam. Ja, Hij zou de tempel van Zijn lichaam afbreken en daarna weer opbouwen op de dag van Zijn opstanding. Daarmee spotten zij en zingen hun lied: “Behoud Uzelf, en kom af van het kruis!” (vers 30). Hoort u de spot? Ze redeneren: Hij zegt dat Hij de Zoon van God is, althans Hij pretendeert dat te zijn. Het wordt nu tijd om dat eens te bewijzen: “Kom af van het kruis!” (vers 30).

Daarmee stemmen ook de overpriesters en schriftgeleerden in: “En insgelijks ook de over­priesters, met de schriftgeleerden, zeiden tot elkander, al spottende: “Hij heeft anderen verlost; Zichzelf kan Hij niet verlossen” (vers 31). Dit is hun versie op het spotlied, een variatie op hetzelfde thema. Een lied van ongeloof en van bittere vijandschap tegen Jezus. Het eerste is waar: hoeveel zondaren heeft Hij verlost van de macht van de zonde. Hoeveel malen openbaarde Hij Zijn wondermacht. Maar het tweede is een leugen. Hoe blind is de vijand door te menen dat Hij Zichzelf niet kan verlossen. Nee, deze Verlosser is geen machteloze Koning. Hij heeft alle macht in hemel en op aarde. Hij gebruikt deze macht echter niet. Hij gaat de kruisdood sterven om anderen te verlossen.

Voor de schriftgeleerden ligt het anders. Hij de ware Messias? Nee, voor de godsdienst is dit juist een ‘bewijs’ dat Hij niet de Messias is. Wat denkt Hij wel? Daarom spotten zij verder: “De Christus, de Koning Israëls, kome nu af van het kruis, opdat wij het zien en geloven mogen” (vers 32). Ze zeggen: Als U bent wie U zegt te zijn, dan mag U nu het bewijs leveren; maar dat kunt U niet. Echter we wachten af, we zullen zien. En als U iets kunt laten zien dan zullen wij U geloven.

Wat moet deze spot erg zijn geweest voor de heilige Jezus. Wat een pijn en smart voor Hem. Ook deze lastering is Hem door de ziel gesneden. Ook deze smaad heeft Hij willen dragen, naast alle smarten en smaadheden die Hem werden aangedaan. Het kwam voor Hem echter niet onverwachts. Het spotlied werd reeds voorzegd in Psalm 22 waar we lezen: “Hij heeft het op de HEERE gewenteld, dat Hij hem nu uithelpe, dat Hij hem redde, dewijl Hij lust aan hem heeft”.

Aanvankelijk spotten de twee moordenaars mee; “ook die met Hem gekruist waren, smaadden Hem” (vers 32b). Ook zij zingen mee: “Indien Gij de Christus zijt, zo verlos Uzelf en ons” (Lukas 23:39). Maar dan lezen we het wonder van vrije, soevereine genade. Naar Gods welbehagen komt een van de moordenaars tot bekering. Hij gaat zijn Rechter om genade bidden (Lukas 23:40-43).

Als God in je leven komt, word je schuldenaar voor God. Dan moet je buigen. Buigen onder het recht van God. En dan mag je het wonder ervaren als het geloofsoog geopend wordt voor die grote Verlosser aan het kruis. Voor Zijn verlossende liefde, voor Zijn noodzakelijkheid en Zijn dierbaarheid.

We lezen in Markus 15:33 dat vervolgens de drie-urige duisternis over de gehele aarde komt (vers 33). Jezus daalt af in de allerdiepste versmaadheid en angst der hel. We lezen in vers 34: “En ter negender ure, riep Jezus met een grote stem zeggende: Eli, Eli, lama sabachthani”. In het Nederlands vertaald: Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten? Ook dit zijn woorden uit Psalm 22. Hier wordt God van God verlaten en wie zal dat ooit kunnen verstaan? Als ik dit wonder vatten wil, staat mijn verstand vol eerbied stil.

Maar bij het kruis is geen eerbied. Men gaat spotten met dit kruiswoord. We lezen in vers 35: “En sommigen van die daarbij stonden, dit horende, zeiden: Ziet, Hij roept Elias”. Dan loopt er iemand naar Hem toe om Hem de edik toe te dienen (vers 36). Niet uit barmhartigheid, maar om Hem uit te nodigen om Elia te halen. Het spotlied gaat verder: “Houdt stil, laat ons zien of Elias komt, om Hem af te nemen!” (vers 36).

Misschien zegt u: ik ben niet beter dan deze spotters. Zou Hij zo een als ik nog willen verlossen? Denk dan aan de moordenaar aan het kruis. Ook hij was een spotter. Daarom: het kan nog! Christus kan spotters maken tot smekelingen aan de troon van Zijn genade!

 

Ds. J.B. Zippro

 
BESTEL ONLINE!
  Prachtige uitgave over de geschiedenis van de Gereformeerde Gemeente in Groningen door M. Golverdingen v.d.m. (256 pag, geb.)
Zoeken
Actueel
Wie is online
We hebben 9 gasten online
Aanmelden